Het kuiken is een van de bekendste jonge dieren ter wereld. Het vormt de eerste levensfase van de kip, een vogel die afstamt van het oeroude rode kamhoen. Deze soort komt oorspronkelijk uit Zuidoost-Azië. Vanuit deze regio verspreidde de kip zich duizenden jaren geleden naar andere delen van de wereld, onder meer via handelaren en zeevaarders. In die tijd werd de kip zowel gezien als voedselbron als heilig dier, afhankelijk van de cultuur waarin ze terechtkwam.
Verspreiding
Vandaag leeft het kuiken in bijna elk land ter wereld. In Nederland zijn kuikens vooral te vinden op boerderijen, kinderboerderijen en in fokbedrijven. In tropische streken scharrelen kuikens vaak vrij rond en zoeken ze zelf hun voedsel. In industriële landen leven veel kuikens in afgesloten stallen. Vooral vleeskuikens hebben daar maar weinig ruimte. Ze groeien snel, binnen zes weken van een piepklein kuiken tot een volwassen kip.
Voeding
Een kuiken begint zijn leven met eenvoudig voer: meelachtige korrels vol graan, mineralen en eiwitten. In de eerste dagen leert het dier eten door het gedrag van andere kuikens te volgen. Wilde kuikens pikken kleine zaden, insecten en gras op. De moederkip helpt hen daarbij door met haar snavel te wijzen waar ze moeten zoeken. Een uitgebalanceerd dieet is cruciaal, want kuikens groeien razendsnel. Binnen enkele weken verandert hun donsverenlaag in een volwassen verenkleed.
Leefgebied
Het natuurlijke leefgebied van een kuiken ligt in open gebieden met gras en lage struiken waar ze beschutting vinden. Daar leren ze al vroeg schuilen voor roofdieren zoals vossen en roofvogels. In de moderne veehouderij is dit beeld helaas anders. Veel vleeskuikens brengen hun leven door in stallen zonder daglicht. De temperatuur, luchtvochtigheid en verlichting worden volledig gecontroleerd. Zo ontstaat een onnatuurlijke maar efficiënte omgeving die gericht is op snelle groei.
Bedreigingen
De grootste bedreiging voor het kuiken is de intensieve veehouderij zelf. Door de hoge productiedruk is de leefomgeving vaak beperkt en onnatuurlijk. Ook virussen en parasieten kunnen de jonge dieren treffen. In het wild zijn bovendien roofdieren een constante dreiging. Beschermingsprogramma’s proberen de leefkwaliteit te verbeteren door natuurlijk gedrag meer ruimte te geven, bijvoorbeeld via scharrel- of biologische houderijen.
Levensduur
De levensverwachting van een kuiken hangt sterk af van zijn bestemming. Wilde of tamme kippen kunnen tot acht jaar oud worden. Vleeskuikens in de industrie halen dat nooit; zij bereiken vaak slechts een leeftijd van zes weken. Legkippen leven meestal anderhalf tot twee jaar, tot hun eiproductie afneemt. Het contrast is groot tussen natuurlijke en industriële omstandigheden.
Kraamtijd
De kraamtijd van een kuiken is kort maar intensief. Een kip broedt haar eieren ongeveer drie weken uit. Na het uitkomen blijft het kuiken enkele dagen dicht bij de moeder onder haar warme vleugels. De eerste bewegingen, het zoeken van voedsel en de herkenning van geluiden vormen de basis voor hun verdere leven. De band tussen kip en kuiken is opvallend sterk: moederkippen communiceren al met hun kuikens terwijl die nog in het ei zitten.
Kuiken
Een kuiken herken je direct aan zijn zachte dons en piepende geluid. Net uit het ei is het klein, kwetsbaar en geel, al verschillen de kleuren per ras. Naarmate het groeit, ontwikkelt het een sterker verenkleed en meer zelfstandigheid. De nieuwsgierige blik en snelle bewegingen maken kuikens tot geliefde dieren bij jong en oud.
Leefwijze en territorium
Kuikens zijn van nature groepsdieren. Ze zoeken veiligheid in aantallen, eten gezamenlijk en slapen dicht bij elkaar. In het wild vormen kippen kleine kuddes met een duidelijke rangorde. Hanen bewaken hun territorium en waarschuwen bij gevaar. Deze sociale structuur blijft ook bij tamme kippen zichtbaar. Voor kuikens betekent dat dat ze al jong leren hun plek binnen de groep te vinden.

